zaterdag 29 november 2014

Madeleine Bru en de toddenverkoper




Tevreden keek Madeleine het dal van de Saône in. Ze zag de rivier glinsteren en in de verre verte de contouren van de Alpen. De wijngaarden lagen er mooi bij dit jaar. Groen en weelderig. En dan moest de zomer nog komen met velden vol graan en zonnebloemen. Na de avonturen op het kasteel van Royer met de geesten uit de fles, was alles weer pais en vree in het Bourgondische land. Raphaël werkte hard in de verkoop van wijn. Hugues Ronsard en Huberte Lapopp hadden het druk met hun gasten. En de kookschool in het kasteel liep goed.
Madeleine Bru keek naar rechts richting Viré en het viel haar op dat er iets was veranderd. Bij het hek van een wijngaard verder op stonden ineens huifkarren. En dat terwijl het nog niet eens druivenpluktijd was. Ach wie weet had deze wijnboer wel een extra klusje voor deze rondtrekkende lieden. Of zou er circus in Viré zijn? Genoeg gemijmerd, dacht ze. Aan de slag, naar Louhans om kip en eend te halen voor de fameuze Bru confít. De voorraad  potten was inmiddels al geslonken, zowel in Parijs bij Brodgøde als in Royer.
Madeleine stapte in haar auto en reed naar Louhans. Aangekomen in het stadje dronk ze zoals gewoonlijk een kop koffie onder de arcaden. Ze haalde bij de plaatselijke vethandel een paar emmers eendenvet.
Op de terugweg zou ze langs haar voormalige kippenboerderij rijden om het vlees te halen. Nog een potje specerijen van meneer Zimbo en ze was helemaal klaar voor haar stoverijen.
Thuis aangekomen ging Madeleine direct aan de slag. Konfijten en in een pot doen. Het was zo een heerlijk klusje. Ze at tussendoor snel een broodje, belde even met Brodgøde, om te zeggen dat ze de potten voor de kookstudio kon komen halen.
De bel op het erf klonk en Madeleine liep naar buiten. Voor de deur stond een kind met grote bruine ogen in haar hand had ze een pamflet. Oh, het circus, dacht Madeleine en bedankte het meisje, dat op blote voeten verder liep.
Madeleine legde het pamflet op het aanrecht en besteedde er verder geen aandacht aan. Ze was gewoon te druk vandaag met de confit. En, ach, van circussen met dansende beren en zo hield ze ook niet. Raphaël zou die avond lang wegblijven. Er moesten heel wat dozen Viré uitgeleverd worden. Madeleine liep naar haar auto en reed naar Royer om de potten confit af te leveren bij de kookstudio in het kasteel. Kon  ze meteen lekker bijpraten met Hugues en Huberte Lapopp.
Onderweg naar het kasteel passeerde ze het huifkarren kamp. Het leek helemaal niet op een circus. er was geen tent en er waren geen dierenhokken. Ook was er geen naam te bekennen. Maar wat was het dan? Madeleine dacht er niet verder over na.
Gedrieën zaten ze op de trappen van het kasteel, een lekker glas witte wijn in de hand. "Wat is het toch een heerlijke dag vandaag", zie Huberte. "Ik kan dat alleen maar beamen, want de boekingen voor de bed and breakfast en de kookschool voor deze zomer stromen binnen", lachte Hugues Ronsard. "Ik hoop dat we deze reis geen rare dingen gaan meemaken, zoals met de geesten uit de fles." "Daar drink ik op.", zei Madeleine,"alhoewel er bij wijnboer Georges een vreemd huifkarrenkamp is ontstaan. Het zijn geen plukkers, ook geen circusmensen. ben benieuwd wat ze doen daar?"
"Oh zijn dat die gasten, die ook bij Moreau op het land stonden? Het verhaal gaat in Tournus, dat het mensen zijn uit Nederland, ik meen uit Eindhoven. Zij staan in heel Bourgondië op markten met zogenaamde  tuinpakken. Dat zijn een soort weerbestendige pakken, waarmee je goed en vrolijk op het land kunt werken.", vertelde Huberte Lapopp. "Ik zal thuis eens op dat pamflet kijken. Ga er nu vandoor, bonne soirée!", zei Madeliene en stapte in haar auto.
Weer terug op het domaine in Viré las Madeleine de flyer. "Aanstaande zaterdag grote verkoop van tuinpakken, gezellig voor weer en wind en op het land. Onze tuinpakken maken het beste los in elke tuinman, wijnboer of agrariër. Koop onze pakken. De trots van de familie Karpendonk, de tuinpakkenmakers uit Brabant!" Huberte had dus gelijk, het waren gewoon seizoensverkopers, zoals je die vaker zag op het platteland. Madeleine was nieuwsgierig en zaterdag zou ze eens gaan kijken.
Op zaterdagochtend stapte Madeleine in haar auto en reed naar Tournus, voor de boodschappen en ook voor de spannende tuinpakken van de Brabantse marskramers. Ze genoot van een kleine koffie op het terras en liep toen de markt af in de richting van de abdij. Bijna bovenaan zag Madeleine de kraam van de familie Karpendonk staan. "Magic tuinpakken, maken de man in je los", stond er boven de kraam te lezen. het bevreemdde haar dat dit zo een aantrekkingskracht had op alle vrouwen. Madeleine voegde zich bij het groepje vrouwen bij de kraam en luisterde naar de man, die de pakken aanprees. "Dames, zie toch hier wat een heerlijke tuinpakken, fijn voor uw mannen op het land. Fleurig of stemmig. wat u maar wil. Vrolijk zal uw man de deur uitgaan, zijn werk in de wijngaarden doen en weer vol energie terugkomen. Hij zal met u lunchen en het pak geeft hem nieuwe viriele kracht, oh la la, mag ik dat wel zeggen, uw jonge god is back in town?" De man vertelde verder over de tuinpakken in zijn rollende Brabantse Frans. Hij besloot met: "En dat alles voor maar € 19,95" De dames bij de kraam waren onder de indruk. "Doe mij er maar een" "Mij ook!, klonk het. En zoals dat gaat, wanneer een standwerker een goed verhaal vertelt, vertrokken alle dames met een tuinpak. Ook Madeleine, zij had gekozen voor een mauve exemplaar, paste goed bij Raphaël. Ze deed nog wat kleine boodschappen en keerde naar huis terug. Een beetje opgewonden door het spannende tuinpak en de belofte van meneer Karpendonk. Raphaël was zo druk met het land en de wijnen tegenwoordig dat hun romantische huwelijk een beetje in het slop was geraakt. dat was zelfs de gravin Bledski opgevallen. Ze had tegen Madeleine geopperd: "Ik zie geen glans meer bij jullie. Jullie waren voorheen het sterkoppel van de Màconnais, maar nu werken jullie alleen nog maar, jij met je potten confit en Raphaël in de wijngaarden. Doe er wat aan. Ga samen naar Parijs of schakel meneer Zimbo in. Jullie verstoffen hier in dit pay perdu." Deze opmerking gonsde nog dagen na in het hoofd van Madeleine. ze had het getoetst bij Huberte, bij Hugues Ronsard. Het was dus waar. Tijd voor wat reuring in de tent. En nu kwam ze thuis met een mauve tuinpak.
Raphaël liep het erf van het huis op. Hij zag er wat moe uit na een dag werken in de wijngaarden. Hij opende de keukendeur en zag Madeleine in de keuken staan. Op de tafel lag het mauve pak. Her en der had Raphaël al verhalen over deze tuinpakken opgevangen. Zo gaat dat in kleine gemeenschappen. In de bar op het dorpsplein had hij verhalen gehoord van andere wijnbouwers over roze, gele en andere kleurige tuinpakken, waarmee de echtgenotes waren teruggekomen. "Ze zou er toch ook niet een hebben gekocht?", had hij gedacht. onderweg naar huis, "Nee, dat zou niets voor Madeleine zijn."
En nu in de keuken zag hij het ding liggen, mauve, een tuinpak. Hij zag, dat Madeleine zich omdraaide en hem verwachtingsvol aankeek. "Ha schat, heb je een fijne dag gehad?", vroeg ze. "Ja heerlijk de druiven groeien goed dit jaar, dat worden mooie wijnen..." "Ik heb op de markt iets voor je gekocht", zei Madeleine en wees op het mauve tuinpak.
Raphaël verbeet zich om niet te ontploffen. Hoe kon ze dat nu doen. Hun huwelijk was de laatste tijd toch een een beetje een farce aan het worden. De slijtage van het wonderkoppel. Ze hadden alles, waren knap, maar op een één of andere manier was de sleet erin geraakt. "Je hebt toch niet....", zei Raphaël, "morgen ga je dat ding terugbrengen. Je denkt toch niet dat ik als een circusclown door de Màconnais ga lopen.  wat zullen die marskramers zich doodlachen. Al die boeren, die vroeger in blauw liepen en nu in een soort regenboogcolonne over de velden trekken. Ik ga me omkleden en als ik weer beneden kom wil ik dat ding niet meer zien." Hij liep de keuken uit
Madeleine stond er bedremmeld bij. Was ze zo naïef geweest, net als alle andere vrouwen op de markt deze ochtend? Ze pakte het pak en stopte het in de kast. Het was het niet waard. En het werd haar ook duidelijk, dat dit niet de oplossing was om de glans van hun huwelijk te redden. Madeleine pakte haar mobiel en belde een nummer in Pontarlier.
"Wat kun je toch een dom wichtje zijn, Madeleine", klonk de stem van meneer Zimbo aan de andere kant van de lijn. "Al jullie vrouwen zijn er ingetrapt. De familie Karpendonk zijn geslepen handelaars. Zij werken voor Amerikanen om grote stukken land te kopen. Kun je de zakenlieden, die nu in de fles zitten in Royer nog herinneren?" "Ja, hoezo?", mompelde Madeleine. "De familie Karpendonk heeft als opdracht gekregen om van jullie wijnboeren watjes te maken, in een tuinpak. Zodra één van de mannen een bont tuinpak aandoet gaan ze zich weer puber voelen en denken ze dat ze de hele wereld aan kunnen. Ze zetten bijvoorbeeld hun wijngaard te koop, hun huis of hun grond. Denken alleen nog aan geld en uitgaan. de bleometjes buiten zetten. Het leven wordt een groot carnaval. En dan slaat de zoon van de geest in de fles in Royer toe. Let op dat Raphaë niet in zo'n pak gaat lopen. Ik denk ondertussen na over een plan en wat kruiden. Dit kan een ramp worden." zei meneer Zimbo en hing op.
Bedremmeld stond Madeleine in de keuken,. Raphaël was aan het douchen boven. Ze had dus nog tijd om het mauve tuinpak te verbranden. Madeleine liep naar de lade, waarin ze het tuinpak had verstopt. Ze keek erin en het was weg. Ze liep naar boven en riep Raphaël. Geen antwoord. Hij zou toch niet..... Madeleine keek op het erf en zag de auto niet meer staan. De vogel was gevlogen, waarheen?
Ondertussen zat Raphaël in zijn auto op de N6, langs Fleurville, waar hij een kornuit zou oppikken. Hij had het mauve tuinpak na het douchen aangetrokken en voelde zich twintig jaar jonger. Raphaël had wat danspasjes voor de spiegel gedaan. Wat en hunk was ie toch!  hij las een SMS van één van zijn vrienden: "wij gaan vanavond bowlen in Fleurville, heb je ook zin? Wel je tuinpak aantrekken, want wij noemen ons tegenwoordig de fleurige bende!"
Madeleine liep naar het nabijgelegen domaine, waar ze Chantelle, de buurvrouw en vrouw van Etienne zag staan. "Heeft hij ook zijn pak aan getrokken....?", vroeg Chantelle radeloos. "Ja, Raphaël is  er vandoor in zijn mauve tuinpak. Het is niet pluis. We moeten uitvinden, welke wijnboeren met grond er nog meer in een pak zijn verdwenen. Help je me Chantelle?"
Het werd zomaar een dolle boel in de bowling van Fleurville. De mannen hadden de tijd van hun leven, allemaal als kwajongens in hun fleurige todden. Op het parkeerterrein stopte een zwarte geblindeerde Velsatis, de chauffeur stapte uit en opende de portier.
Vulcrus, de zoon van de gewiekste Amerikaan, die nu rust in de kelders van het kasteel van Royer, stapte uit de Renault en liep naar de ingang van de bowling. Hij zou deze Franse boerenkinkels wel eens een lesje gaan leren. Hun terroir werd zijn grond. Fijn dat de familie Karpendonk ze in een tuinpak had gehesen. Vulcrus voelde zich net de rattenvanger van Hamelen. Hij zou deze wijnboeren in hun tuinpakken allemaal de grot inlokken. De prijs die de vrouwen gingen betalen was hun grond. en natuurlijk de wijn. De Chinezen stonden al klaar om het nieuwe merk van Vulcrus te kopen. Niks Maconnais of Viré, maar Vulcrus Wines. Vulcrus lachte bij deze geweldige gedachte. De mannen vermaakten zich opperbest in de bowling van Fleuville. gekleed in tuinpakken in alle schakeringen hadden ze de tijd van hun leven. ze waren weer jong. Vulcrus bekeek de vrolijke bende. hij had ze in hun macht.
Hij vroeg of de muziek zachter kon en nam de microfoon. Vulcrus sprak de mannen toe: "Mannen van de Maconnais, zijn jullie niet geweldig blij dat jullie dankzij jullie leuke gekleurde tuinpakken deze heerlijke avond beleven?" Ja klonk het volmondig vanaf de bowlingbanen. "Maar dit is niet alles, kennen jullie de geweldige grotten der lusten en festijnen in Montbellet?" "Nooit van gehoord", schreeuwde Etienne. "Waar kunnen we die vinden?" "Als jullie zin hebben gaat daar de party verder, met wijnen, met dans, heerlijk eten en oh la la... Volg mij naar Montbellet",schalde Vulcrus door de microfoon. de mannen juichten. Ze pakten hun biezen en startten hun auto's achter de Velsatis aan.
Ondertussen had Madeleine een inventarisatie gemaakt van de verdwenen echtgenoten in tuinpak. Ze  vertelde de vrouwen van de wijnboeren, dat er iets niet pluis was. De volgende dag zou meneer Zimbo naar Viré  komen, met de benodigde kruiden. Waar waren ze? En wie zat hier achter? Madeleine had  de stoute schoenen aangetrokken en was naar de woonwagens gegaan. "Da hedde", had meneer Karpendonk gezegd. "Wij verkopen tuinpakken maar zijn wel gebonden aan die Amerikaanse zakenman Vulcrus."Ineens werd het Madeleine duidelijk. De man in de fles, wie was nu weer die Vulcrus en waar waren de wijnboeren in hun gekleurde tuinpak?
Meneer Zimbo zat in de keuken en bekeek op zijn laptop de beelden die zijn drone had gemaakt van de mannen in de grotten van Montbellet. Er zat een vrolijke gekleurde meute mannen in tuinpakken. Het ontbrak hen aan niets. De opperpriester van dit vermaak zweepte de mannen op afstand te doen van hun wijngaarden. De toekomst lag in China schalde het door de luidsprekers. Vulcrus zou wijnen voor dat machtige land maken. Het enige dat ze moesten doen is tekenen, dan kon het werk na dit fantastische weekend beginnen. De wijnboeren waren allemaal in opperbeste stemming en voelden er wel wat voor. "Kijk, Madeleine, dit is het patroon wat ik overal in Frankrijk zie, Zo gauw die mannen zich in een tuinpak van de Karpendonkjes hijsen, begint de ellende met grond. Land van akkerbouwers, olijftelers enzovoorts. Kun jij mij helpen? We slaan vanavond toe met de bimbawe kruiden. We gaan onzichtbaar naar Montbellet en gebruiken mijn drone om de bimbawe mevel over Vulcrus en de mannen neer te laten dalen."
Madeleine en meneer Zimbo stapten in de auto en reden naar de grotten van Montbellet. Daar aangekomen namen ze allebei een slok van de ontzichtbaarheidsdrank. Het werkte snel. De drone werd gevuld met bimbawe kruiden en snorde zachtjes de grotten binnen. geen van de aanwezige had iets in de gaten. Langzaam vernevelde de drone de kruiden. De lucht werd koud in de grot, paars licht, geel licht en groene vonken vulden de grot. Vulcrus probeerde  te ontsnappen maar kreeg een extra dosis bimbawe. Hij versteende. Op de mannen had het geheel een ontnuchterend effect. Als door een wervelstorm geraakt vlogen de tuinpakken van hun lijf. De pakken vormden een geleurde wolk en vlogen de grotten uit richting Viré. 
Daar stonden ze dan in hun ondergoed na alle bravoure. Intussen waren de onzichtbare Madeleine en meneer Zimbo de grotten binnen gegaan. Ze lachten in hun vuistje daar stond Vulcrus, versteend en dan al die mannen in hun ondergoed. Eén was zelfs vergeten ondergoed aan te trekken. Madeleine liep op Raphaël af en fluisterde in zijn oor: "Tja dat is jullie verdiende loon, ik wil dat jij en de mannen nu naar huis gaan. dan zorgen wij, dat Vulcrus een mooi plaatsje krijgt." Raphaël keek verward om. waarom kon hij haar niet zien? Waren ze zo dom geweest? Hij in ieder geval wel.
Het werd een amusante tocht van mannen in hun ondergoed en die ene naakte naar hun auto's.
"Dat loopt weer eens goed af, dank je wel meneer Zimbo, laten we een mooie plekje vinden voor Vulcrus en de grot hier opruimen." 
"Goed idee, Madeleine. Laten we snel aan de slag gaan en alle sporen wissen. Jij hebt toch cement achter in de auto", antwoordde meneer Zimbo. Ze sleepten de versteende Vulcrus naar een plek achter in de grot en metselden hem vast. Die kon voorlopig geen kwaad meer. De kleurige wolk van tuinpakken was intussen aangekomen in Viré en hing dreigend boven het woonwagenpark van de Karpendonkjes. Ze keken naar de wolk en wisten direct wat dit betekende. Een grote wolkbreuk van todden zou hun wagens treffen, als ze niet handelden. Inpakken en wegwezen. Binnen vijf minuten waren de textiel handelaars vertrokken. Om nooit meer terug te komen  
Zo keerde de rust weer terug in de zuidelijke Bourgogne. De mannen hadden hun lesje geleerd, de vrouwen ook. Een gekleurd tuinpak maakt niet gelukkig.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten